Wat doet de Commissie Mijnbouwschade met een schademelding?

De Commissie Mijnbouwschade bestaat sinds de zomer van 2020 en behandelt schademeldingen die mogelijk het gevolg zijn van schade door kleine olie- en gasvelden. Op 1 november 2021 komt daar ook schade door zoutwinning bij. Daarover volgt latere berichtgeving. Hoe gaat het proces in zijn werk zodra er een schademelding binnenkomt? Commissie Mijnbouwschade leden ir. Piet van Staalduinen en dr. ir. Siefko Slob leggen uit.

Analyse
©Commissie Mijnbouwschade

Juiste loket

Als een schademelding bij de Commissie Mijnbouwschade binnenkomt wordt er eerst gecontroleerd of de melding bij het juiste loket terecht is gekomen. Zo zijn er geregeld schademeldingen die bijvoorbeeld bij het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) horen. Het IMG behandelt de schademeldingen als gevolg van het Groningenveld en de gasopslag bij Norg. 

Onderzoeken

Bij het in behandeling nemen van een schademelding kijken we eerst naar de ligging van het schadeadres ten opzichte van kleine olie- en gasvelden. Daarna wordt er gekeken naar de invloed van bodembeweging die de gas- of oliewinning heeft veroorzaakt. Onder bodembeweging verstaan wij bodemdaling, bodemstijging en trillingen als gevolg van bevingen door de olie- en gaswinning. 
Om te beoordelen of er invloed is van bodembeweging voeren we een eigen onderzoek uit. Dat doen we op basis van openbare meetgegevens over diepe bodemdaling. We kijken dan naar de mate van bodemdaling en naar de vervormingen van het aardoppervlak door de bodemdaling. De Commissie Mijnbouwschade hanteert daarbij dezelfde criteria als het IMG. Naast de beoordeling van de bodembeweging kijken we ook naar de invloed van bevingen op basis van gegevens van het KNMI. Ook hier hanteren we dezelfde criteria als het IMG.
Aan de hand van de uitkomsten -uit de beoordelingen van de bodemdaling en de bevingen- kijken we of er een verband is met de invloed van mijnbouwactiviteiten in de diepe ondergrond en de gemelde schade. Ook letten we op eventuele invloeden uit het gebouw, de ondiepe ondergrond en de omgeving. Als duidelijk is dat de schade geen verband houdt met de mijnbouwactiviteiten en met grote waarschijnlijkheid verband heeft met andere oorzaken dan laten we dat de schademelder weten.

Externe deskundige

Ondanks deze eerste zorgvuldige stappen hebben we soms toch nog een onvoldoende duidelijk beeld van de schade en de oorzaken. Op zo’n moment schakelt de Commissie Mijnbouwschade een externe deskundige in. Die neemt de schade en de situatie ter plaatse op en beoordeelt wat de meest waarschijnlijke oorzaken zijn van de schade. De externe deskundige stelt hierover een rapport op. Op basis van ons eigen onderzoek en op basis van het rapport van de externe deskundige beoordelen wij de schademelding en stellen wij een conceptadvies op. 

Conceptadvies

Het conceptadvies delen wij met de schademelder en met de betrokken mijnbouwonderneming. Als er een verband is tussen mijnbouw en de schade, geven wij in ons advies ook aan hoe  groot de financiële vergoeding moet zijn. De Commissie Mijnbouwschade werkt op basis van het gebruikelijke schadevergoedingsrecht uit het Burgerlijk Wetboek. De schademelder kan over ons conceptadvies zijn mening geven. Wij noemen dat een zienswijze. We nemen deze zienswijze mee in ons definitief advies. 

Overzicht schademeldingen

De Commissie Mijnbouwschade heeft het afgelopen jaar 491 schademeldingen binnengekregen. Hiervan hoorden 381 schademeldingen bij het IMG. Wij hebben zelf 83 schademeldingen in behandeling genomen en daarover advies uitgebracht. Bij de helft van deze schademeldingen hebben we een externe deskundige ingeschakeld. Alle schademeldingen zijn individueel beoordeeld en doorgaans is binnen vier maanden na de schademelding het onderzoek afgerond en een advies opgesteld.
Veel schademeldingen hebben betrekking op de kleine olie- en gasvelden in het Noordoosten van het land. Op de locaties van de schademeldingen die wij ontvangen hebben was bijna altijd sprake van bodemdaling. Deze bodemdaling is in tientallen jaren langzaam opgebouwd en gelijkmatig opgetreden. In de afgelopen periode waarin de Commissie Mijnbouwschade de schademeldingen heeft beoordeeld zijn er geen bevingen geweest die sterk genoeg waren om schade te veroorzaken. Let wel: dit heeft betrekking op de kleine olie- en gasvelden en niet op het Groningenveld. Hierdoor hebben wij tot nu toe nog geen verband gevonden tussen de schade en bodembeweging door mijnbouw. 
 

Vereenvoudigde procedure

Zodra er een sterke beving optreedt met veel schademeldingen heeft de Commissie Mijnbouwschade een vereenvoudigde procedure voorbereid, waardoor schademeldingen in korte tijd kunnen worden afgehandeld. Voor meldingen in een bepaald gebied rondom het epicentrum van de beving nemen we dan een oorzakelijk verband aan. Afgelopen jaar was het inzetten van de vereenvoudigde procedure niet nodig.